'Tweede steunpakket helpt transportsector niet'

‹ Terug naar overzicht

Voor transportondernemers schiet het tweede steunpakket van het kabinet tekort. Die conclusie trekt Transport en Logistiek Nederland (TLN).

Transportbedrijven die nauw betrokken zijn bij de bevoorrading van de door de coronacrisis getroffen sectoren worden volgens de brancheorganisatie genegeerd, terwijl die betreffende sectoren wel steun krijgen. Ook kleine transportondernemers (KTO’ers) vallen buiten de boot. “Het kabinet wil met dit tweede steunpakket bedrijven gericht hulp bieden, maar slaat de plank behoorlijk mis”, aldus TLN-voorzitter Elisabeth Post.

Steunpakket zonder SBI-code transportbedrijven

In het nieuwe steunpakket komt een extra tegemoetkoming van maximaal € 20.000 voor mkb-bedrijven, maar alleen bedrijven met een specifieke SBI-code kunnen daar gebruik van maken. De SBI-code waaronder transportondernemingen vallen, is niet opgenomen in de lijst. Daardoor kunnen deze bedrijven dus geen aanspraak maken op de steunmaatregel, aldus TLN.

Verruiming TOGS-regeling 

TLN liet eerder al weten de zogeheten TOGS-regeling onrechtvaardig te vinden. Het tweede steunpakket verandert daar helaas niets aan. “Het is ongelooflijk dat het kabinet geen oog heeft voor de ondernemers die getroffen sectoren bevoorraden. Als er in die sectoren geen werk is, staan transportondernemers namelijk ook stil”, zegt Post. “Het kabinet maakt bij de sierteelt wél een verbinding tussen sector en betrokken transport en legt bij andere sectoren die relatie met de gehele keten niet. Dat is onbegrijpelijk.” Volgens TLN zijn tussen de 1.000 en 1.300 transportbedrijven de dupe van deze keuze.

KTO’ers

Hoewel de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) wordt voortgezet, is vanaf 1 juni de hoogte van de tegemoetkoming afhankelijk van het inkomen van een partner. Voor Kleine Transportondernemers (KTO’ers) is dat rampzalig. “Veel eigen rijders komen nu al niet rond”, stelt Post. “Als zij straks ook nog gekort worden is dat voor veel KTO’ers funest.” 

Kleine transportondernemers hebben volgens TLN minder of helemaal geen werk, terwijl zij nog steeds hoge vaste lasten hebben, zoals leasekosten, motorrijtuigenbelasting en verzekeringskosten van een vrachtwagen. Omdat zij ook kleine opdrachten aannemen, kunnen zij hun vrachtwagen niet tijdelijk buiten gebruik stellen, waardoor de kosten blijven doorlopen.