'Intermodaal: het kan passen en goedkoper zijn'

‹ Terug naar overzicht

“Wij bieden onze klanten intermodaal transport aan, omdat dat goed past binnen de supplychain van verladers, soms goedkoper is en eigenlijk altijd beter voor het milieu”, zegt Juliën de Jong, head of Ocean Freight Netherlands bij DB Schenker.

DB Schenker is een van de grootste spelers ter wereld op het gebied van internationaal transport en logistieke dienstverlening. Het concern beschikt over ongeveer 2.000 locaties verspreid over de hele wereld en telt in totaal meer dan 76.000 medewerkers. In Nederland beschikt DB Schenker over een netwerk van 22 logistieke centra en kantoren op zeventien verschillende locaties. 

Intermodaal transport

De Nederlandse businessunit Ocean Freight van DB Schenker is gesitueerd in een kantoorpand in de Rotterdamse haven. Hier werken ongeveer 135 mensen onder leiding van Juliën de Jong (links op de foto). “Wij zijn een klassieke expediteur die voor onze klanten het vervoer van vrachten over zee verzorgt, het voor- en natransport naar en vanaf de haven en ook allerlei andere activiteiten, zoals het in- en uitklaren van goederen, op- en overslag en warehousing. Dat doen we via ons uitgebreide netwerk van charters en onderaannemers. We werken in opdracht van vele honderden klanten, van grote multinationals tot kleine lokale ondernemingen, en verzorgen voor hen de regie over hun transporten.” 

De goederen die Ocean Freight vervoert variëren van kleine vrachten van één kubieke meter tot containers en projectmatige lading als machines, turbines en offshorematerialen. “We bestrijken alle continenten, maar het grootste percentage bestaat uit de import van goederen vanuit Aziatische landen naar Europa”, aldus De Jong.

Green, clean en lean

In 2013 startte Ocean Freight met het bewust substantieel aanbieden van intermodale transportoplossingen aan klanten. Tot die tijd werd het grootste gedeelte van het voor- en natransport van ladingen naar en vanaf de Rotterdamse haven nog over de weg vervoerd, maar nu kregen klanten ook de mogelijkheid om dat stuk van de supplychain via de binnenvaart of over het spoor uit te voeren. Volgens Alain von Harras (rechts op de foto), manager Multimodal Ocean Freight BeNeLux, waren er diverse redenen om intermodale oplossingen aan te bieden. “Enerzijds wilden we de congestie op de snelwegen ontlopen en wachttijden voorkomen, anderzijds staan green, clean en lean bij ons hoog in het vaandel. Daarom was het een logische stap om ook naar andere vervoersmogelijkheden dan uitsluitend wegtransport te kijken. Neem bijvoorbeeld een vracht met bestemming Maastricht, een afstand van ongeveer 200 kilometer. Als je die vanuit Rotterdam over de weg vervoert, heb je een grote kans op vertraging, bijvoorbeeld in de haven en de regio rond Eindhoven. Bij vervoer via de binnenvaart heb je daar geen last van en je weet van tevoren precies hoe laat een vracht arriveert. Zo’n alternatieve modaliteit moet natuurlijk wel binnen de supplychain van de betreffende klant passen. En net als bij het wegtransport staat ook bij intermodaal transport het leveren van service en kwaliteit voor ons op de eerste plaats.”

Verschillende opties

Ocean Freight vervoert in Nederland tegenwoordig een flink gedeelte van het ladingaanbod per barge naar en vanaf de binnenlandse terminals. Kort samengevat komt het op het volgende neer: vervoer over de weg gaat het snelst, maar daarbij bestaat een relatief grote kans op vertraging door filevorming. Transport per barge duurt minimaal één dag, maar de kans op vertraging is erg klein en vervoer per trein gaat snel, maar is wel weer wat duurder. “We brengen voor onze klanten de verschillende opties in kaart, met bijbehorend prijskaartje”, zegt De Jong. “Vervolgens kunnen verladers zelf beslissen welke mogelijkheid het beste bij hun eigen supplychain aansluit. Als ze dat willen, kunnen wij hen daar ook over adviseren. We merken dat vervoer per binnenvaart bij veel verladers populair is als dat past binnen hun keten. Dat komt door de vaak gunstige prijs en omdat vervoer over water beter is voor het milieu.” 

Lees verder onder de foto.

Vervoer per barge heeft daarom in Nederland een grote vlucht genomen. In België is het echter wat minder populair. “Dat komt vooral door het goede netwerk van binnenlandse terminals in ons land, waardoor je vrijwel overal goed kunt komen. In België zijn de afstanden veel kleiner, waardoor de binnenvaart relatief duurder is. Daarom wordt daar vaker voor wegtransport gekozen.”

Congestie bij zeeterminals

Overigens ontstonden er na de ingebruikname van de Tweede Maasvlakte veel problemen voor het vervoer via de binnenvaart. Door congestie in de zeecontainerterminals in 2017 moesten binnenvaartschepen soms dagenlang wachten alvorens ze geladen of gelost konden worden. De terminals gaven namelijk een hogere prioriteit aan het laden en lossen van zeeschepen dan van binnenschepen. De Jong: “Dat raakte ons allemaal. Voor veel verladers was de vertraging in combinatie met de onzekerheid over het precieze tijdstip van laden en lossen te groot, waardoor ze weer overstapten van binnenschip naar truck. En dat is natuurlijk jammer. Alhoewel wij hier als expediteur niet direct partij in zijn, steken we veel energie in het oplossen van dit probleem. Want zowel wij als onze klanten hebben een voorkeur voor groen en schoon vervoer. Na veel overleg gaat het inmiddels weer wat beter, maar deze problematiek is nog niet opgelost.” 

Intermodaal vervoer zal toenemen

De Jong en Von Harras verwachten dat het intermodaal vervoer verder zal toenemen: “De economie groeit steeds door en daarom zullen alle transportmogelijkheden maximaal benut moeten worden. Wij verwachten dan ook dat zowel het vervoer per barge als over het spoor sterk zal groeien.”